Als er aanwijzingen of vermoedens zijn van een dopingpraktijk, wordt een disciplinair dossier opgesteld.
De elitesporter die positief test op een verboden substantie, heeft het recht een tegenanalyse op eigen kosten aan te vragen. Indien bij een elitesporter de aanwezigheid of gebruik van een van volgende verboden stoffen of methoden wordt vastgesteld, betekent dit een onmiddellijke schorsing:
Voor andere verboden stoffen of methoden geldt geen onmiddellijke schorsing.
Een disciplinair dossier van een elitesporter zal behandeld worden door een privaatrechterlijk disciplinair orgaan van de sportfederaties dat door de Vlaamse overheid wordt erkend.
Tegen beslissingen van dit disciplinair orgaan in beroep kan in beroep gegaan worden bij het Tribunal Arbitral du Sport (TAS) in Lausanne. Dit beroep kan ingesteld worden door de sporter, de Vlaamse overheid, het WADA, het IOC of IPC en de betrokken nationale of internationale sportfederatie.
Momenteel zijn er 2 disciplinaire organen voor elitesporters erkend:
Een elitesporter die verdacht wordt van een dopingpraktijk zal zich dus voor het Vlaams Dopingtribunaal of (voor de wielrenners) bij de disciplinaire commissie van de KBWB moeten verantwoorden en niet langer bij de disciplinaire commissie van de Vlaamse Gemeenschap.
Via deze rubriek kan u zich abonneren voor de gratis nieuwsbrief i.v.m. doping en dopingbestrijding in Vlaanderen. Gelieve uw e-mailadres in te vullen en op de knop “inschrijven” te klikken.
Opmerking: uw e-mailadres zal niet voor andere doeleinden worden gebruikt en wordt niet doorgegeven aan andere organisaties of instellingen.